Gebruikelijk loon DGA: hoe bepaal je het?
Als directeur-grootaandeelhouder (DGA) van een BV ben je verplicht jezelf een salaris uit te keren dat voldoet aan de gebruikelijk-loonregeling van de Belastingdienst. Dit betekent dat je niet zomaar een laag loon kunt afspreken om belasting te besparen. De Belastingdienst stelt een minimumbedrag vast dat 'gebruikelijk' is voor jouw functie en branche. In 2026 geldt een wettelijk minimumloon van € 56.000 bruto per jaar als absolute ondergrens, tenzij je kunt aantonen dat een lager loon marktconform is. Voor veel MKB-ondernemers is dit een complex onderwerp met directe fiscale gevolgen. In dit artikel lees je precies hoe de regeling werkt, hoe je het juiste bedrag bepaalt en welke fouten je moet vermijden.
Wat is de gebruikelijk-loonregeling voor de DGA?
De gebruikelijk-loonregeling staat beschreven in artikel 12a van de Wet op de loonbelasting 1964. De kern van de regeling is simpel: een DGA die werkzaamheden verricht voor zijn eigen BV moet zichzelf een salaris toekennen dat vergelijkbaar is met wat iemand in een soortgelijke functie bij een derde werkgever zou verdienen. De Belastingdienst heeft deze regel ingevoerd om te voorkomen dat DGA's hun inkomen volledig via dividenduitkeringen laten lopen, waarbij ze de hogere inkomstenbelasting over loon zouden omzeilen. Het gaat dus nadrukkelijk om het tegengaan van belastingontwijking via een kunstmatig laag salaris. De regeling is van toepassing zodra je als aanmerkelijkbelanghouder arbeid verricht voor jouw eigen vennootschap, ongeacht of dat een BV of NV is.
De gebruikelijk-loonregeling geldt voor iedere DGA die een aanmerkelijk belang heeft in de vennootschap waarvoor hij of zij werkt. Van een aanmerkelijk belang is sprake als je direct of indirect minimaal 5% van de aandelen bezit. Het maakt daarbij niet uit of je formeel in loondienst bent bij de BV of dat er geen arbeidsovereenkomst op papier staat. Zodra je werkzaamheden verricht voor de vennootschap én aanmerkelijkbelanghouder bent, valt je beloning onder deze regeling. Ook als jouw partner of familielid DGA is en jij meewerkt in de BV, kan de regeling op jou van toepassing zijn. De Belastingdienst kijkt bij controles altijd naar de feitelijke situatie, niet alleen naar wat er op papier staat.
Gebruikelijk loon 2026: wat zijn de actuele bedragen en normen?
Voor het jaar 2026 geldt een wettelijk minimum gebruikelijk loon van € 56.000 bruto per jaar. Dit bedrag wordt jaarlijks door de Belastingdienst vastgesteld en is gebaseerd op de loonontwikkeling in Nederland. Naast dit absolute minimum geldt de zogenoemde vergelijkingsmaatstaf: het loon mag niet lager zijn dan 100% van het loon dat een werknemer in de meest vergelijkbare dienstbetrekking zou verdienen. Tot en met 2022 gold nog een percentage van 75%, maar dit is per 1 januari 2023 verhoogd naar 100%. Dit betekent dat de speelruimte voor DGA's de afgelopen jaren aanzienlijk is ingeperkt. Als jouw BV in een sector actief is waar functies vergelijkbaar met die van een DGA gemiddeld € 90.000 per jaar verdienen, dan geldt dat bedrag als uitgangspunt voor jouw gebruikelijk loon.
Er geldt ook een doelmatigheidsmarge van € 5.000, die echter per 2023 is afgeschaft voor de meeste situaties. Voorheen mocht je het gebruikelijk loon met € 5.000 verlagen als het vergelijkingsloon hoger uitviel, maar deze marge bestaat niet meer op dezelfde manier. Wat nog wél geldt, is dat het gebruikelijk loon minimaal het hoogste is van drie bedragen: het loon van de meest vergelijkbare dienstbetrekking, het hoogste loon van een werknemer in dienst bij de BV of een verbonden lichaam, of het wettelijke minimum van € 56.000. Stel dat de best betaalde werknemer in jouw BV € 70.000 verdient, dan moet jouw gebruikelijk loon minstens op dat niveau liggen. Dit principe voorkomt dat DGA's zichzelf minder betalen dan hun eigen personeel.
Hoe bepaal je de vergelijkingsmaatstaf voor jouw functie?
De vergelijkingsmaatstaf is het loon dat iemand in een vergelijkbare functie bij een andere werkgever zou verdienen. Om dit te bepalen, moet je kijken naar de aard van jouw werkzaamheden, de branche waarin je actief bent, jouw opleidingsniveau en het niveau van verantwoordelijkheid dat je draagt. De Belastingdienst gebruikt hiervoor salarisgegevens uit loonsurveys en brancheonderzoeken. Je kunt zelf referentiegegevens verzamelen via cao-informatie, salariswijzers van brancheverenigingen of arbeidsmarktonderzoeken. Het is verstandig om deze onderbouwing schriftelijk vast te leggen, zodat je bij een eventuele controle kunt aantonen dat jouw loon marktconform is. Denk daarbij aan vergelijkbare functietitels zoals algemeen directeur, bedrijfsleider of commercieel directeur in jouw sector.
In de praktijk is het bepalen van de juiste vergelijkingsmaatstaf de grootste uitdaging. De Belastingdienst hanteert als stelregel dat het gebruikelijk loon bij twijfel wordt vastgesteld op het loon van de meest vergelijkbare dienstbetrekking. Als jij stelt dat jouw functie vergelijkbaar is met een manager die € 65.000 verdient, terwijl de Belastingdienst meent dat jouw functie overeenkomt met een directeur die € 95.000 verdient, dan ligt de bewijslast bij jou. Je moet aannemelijk maken dat jouw vergelijking correct is. Hierbij spelen factoren mee als de omvang van het bedrijf, het aantal medewerkers dat je aanstuurt, de omzet van de BV en de complexiteit van de bedrijfsvoering. Een goede arbeidsmarktanalyse is daardoor geen overbodige luxe maar een noodzaak.
Afwijken van het gebruikelijk loon: wanneer is een lager bedrag toegestaan?
In bepaalde situaties mag je een lager gebruikelijk loon hanteren dan het wettelijke minimum van € 56.000. Dit is alleen toegestaan als je kunt aantonen dat het zakelijk gezien niet mogelijk is om het minimumloon te betalen. Dit is het geval bij startende ondernemingen of bij BV's die structureel verlieslatend zijn. Voor startende bedrijven geldt dat je gedurende de eerste drie jaar na oprichting een lager gebruikelijk loon kunt hanteren, mits de BV de belastingtegemoetkoming voor speur- en ontwikkelingswerk ontvangt (de WBSO). In dat geval mag het gebruikelijk loon worden vastgesteld op het wettelijk minimumloon, dat in 2026 rond de € 27.000 bruto per jaar ligt voor een volledig dienstverband.
Bij een verlieslatende BV of een BV met onvoldoende liquiditeiten geldt een soortgelijke uitzondering. Als de BV de middelen simpelweg niet heeft om het gebruikelijk loon uit te betalen, dan kun je in overleg met de Belastingdienst een lager loon overeenkomen. Hiervoor is doorgaans een zogenoemde vaststellingsovereenkomst nodig. Je onderbouwt daarin schriftelijk waarom het niet haalbaar is om het minimumbedrag te betalen, ondersteund door financiële gegevens zoals jaarrekeningen en liquiditeitsoverzichten. Wacht hier niet te lang mee, want als de Belastingdienst bij een controle constateert dat je al jaren een te laag loon uitkeert zonder onderbouwing, kan dat leiden tot naheffingsaanslagen met rente en boetes. Tijdig afstemmen voorkomt verrassingen.
Fiscale gevolgen van een verkeerd gebruikelijk loon
Als de Belastingdienst bij een controle vaststelt dat jouw gebruikelijk loon te laag is, volgen er naheffingsaanslagen voor de loonbelasting en premies volksverzekeringen over het verschil tussen het werkelijk uitbetaalde loon en het vastgestelde gebruikelijk loon. Daarbovenop kan een vergrijpboete worden opgelegd van maximaal 100% van de naheffing als er sprake is van opzet of grove schuld. Bij normale gevallen gaat het om een verzuimboete. De naheffing loopt doorgaans vijf jaar terug, wat bij een structureel te laag loon kan resulteren in een forse financiële claim. Naast de naheffing ben je ook rente verschuldigd over het uitstaande bedrag, wat de totale schade verder vergroot. Het is dan ook cruciaal om jaarlijks te beoordelen of jouw gebruikelijk loon nog voldoet aan de actuele normen.
Een ander fiscaal risico is dat dividenduitkeringen die eigenlijk als loon hadden moeten worden aangemerkt, worden geherkwalificeerd door de Belastingdienst. Dit heeft directe gevolgen voor de belastingdruk, omdat loon belast wordt in box 1 (tot 49,5% in 2026) terwijl dividend wordt belast via de aanmerkelijkbelangregeling in box 2 (24,5% tot € 67.804 en 33% daarboven in 2026). Het verschil kan dus oplopen tot ruim 25 procentpunt. Bovendien heeft een hoger loon invloed op jouw recht op hypotheekrente, pensioenopbouw, WW-rechten bij faillissement en andere inkomensafhankelijke regelingen. Een te laag gebruikelijk loon lijkt aantrekkelijk op de korte termijn, maar pakt op lange termijn bijna altijd nadelig uit wanneer de Belastingdienst ingrijpt.
Gebruikelijk loon en pensioen, hypotheek en sociale zekerheid
Het gebruikelijk loon heeft niet alleen fiscale consequenties; het heeft ook directe invloed op meerdere aspecten van jouw financiële leven. Voor een hypotheekaanvraag geldt het loon dat je jezelf uitkeert als primair inkomensbewijs. Banken kijken naar jouw brutojaarloon en de continuïteit ervan. Een DGA met een gebruikelijk loon van € 56.000 heeft daarmee een lagere hypotheekruimte dan een DGA die zichzelf € 90.000 uitkeert. Houd er ook rekening mee dat dividendinkomen door veel geldverstrekkers anders wordt gewogen dan vast loon. Als je een woning wilt kopen of een bestaande hypotheek wilt verhogen, is het verstandig om van tevoren te berekenen welk loon je daarvoor nodig hebt en je gebruikelijk loon hierop af te stemmen, uiteraard binnen de grenzen die de wet stelt.
Samenvatting
De gebruikelijk-loonregeling dwingt DGA's om zichzelf een marktconform salaris uit te keren, waarbij in 2026 een minimum geldt van € 56.000 bruto per jaar. Het loon moet bovendien minstens gelijk zijn aan het hoogst betaalde personeelslid in de BV en aan het loon in een vergelijkbare functie elders. Afwijken kan alleen met een goede onderbouwing en, bij structureel te lage lonen, in overleg met de Belastingdienst. De fiscale risico's bij een verkeerd gebruikelijk loon zijn groot: naheffingen, boetes en rente die vijf jaar terug kunnen lopen. Laat jouw gebruikelijk loon jaarlijks beoordelen door een fiscalist of salarisadministrateur die de actuele normen kent, en leg de onderbouwing altijd schriftelijk vast in jouw administratie.
Klaar om dit te automatiseren?
JustRunBiz combineert boekhouding, CRM, HR, helpdesk, voorraad, marketing en projectmanagement in één platform. AI ingebouwd in elke module, alle modules inbegrepen. 30 dagen gratis proberen.
Gratis proberen