Gratis Calculator

BTW Berekenen in 1 klik

Bereken direct BTW bedragen van exclusief naar inclusief en andersom. Met 0%, 9% en 21% tarieven. Geen account nodig.

Bedrag exclusief BTW

0,00

BTW bedrag (21%)

0,00

Bedrag inclusief BTW

0,00

Snel antwoord

Wat is BTW?

BTW (Belasting Toegevoegde Waarde) is een belasting op goederen en diensten in Nederland. Het standaard tarief is 21%, het verlaagde tarief 9% (voedsel, boeken, medicijnen) en het nultarief 0% (export, onderwijs). Als ondernemer breng je BTW in rekening aan je klanten en draagt dit per kwartaal af aan de Belastingdienst.

BTW tarieven in Nederland (2026)

TariefPercentageVoorbeelden
21%Standaard tariefMeeste goederen en diensten, elektronica, kleding, auto's
9%Verlaagd tariefVoedingsmiddelen, boeken, medicijnen, kappers, fietsenmakers
0%Nultarief / VrijstellingExport buiten EU, intracommunautaire leveringen, onderwijs, gezondheidszorg

Hoe bereken je BTW?

Exclusief → Inclusief

Vermenigvuldig het bedrag exclusief BTW met 1 + het BTW percentage.

Bedrag excl. BTW: €1.000,00

BTW tarief: 21%

€1.000,00 × 1,21 = €1.210,00

BTW bedrag: €210,00

Inclusief → Exclusief

Deel het bedrag inclusief BTW door 1 + het BTW percentage.

Bedrag incl. BTW: €1.210,00

BTW tarief: 21%

€1.210,00 ÷ 1,21 = €1.000,00

BTW bedrag: €210,00

Zo bereken je BTW

  1. 1

    Bepaal het BTW-tarief

    Kies het juiste tarief: 21% (standaard), 9% (verlaagd voor voedsel, boeken, medicijnen) of 0% (export, onderwijs, gezondheidszorg).

  2. 2

    Vul het bedrag in

    Voer het bedrag exclusief of inclusief BTW in de calculator in.

  3. 3

    Kies de richting

    Selecteer of je van exclusief naar inclusief wilt berekenen, of andersom.

  4. 4

    Lees het resultaat af

    Je ziet direct het bedrag exclusief BTW, het BTW-bedrag en het totaal inclusief BTW.

Veelgestelde vragen over BTW berekenen

Nooit meer handmatig BTW berekenen?

JustRunBiz berekent automatisch de BTW op al je facturen, offertes en uitgaven. Inclusief BTW aangifte en rapportages.

Deze BTW-calculator helpt je snel en foutloos omzetbelasting te berekenen over elk bedrag, in beide richtingen. Voer een bedrag exclusief BTW in en je ziet direct wat je klant betaalt, of draai het om: deel een prijs inclusief BTW op in het nettobedrag en de belastingcomponent. De calculator ondersteunt de drie officiële Nederlandse tarieven — 0%, 9% en 21% — en is daarmee bruikbaar voor vrijwel elke factuur, offerte of administratieve controle die je als ondernemer tegenkomt. Zo bespaar je tijd en voorkom je dure rekenfouten in jouw administratie.

Hoe werkt BTW berekenen?

BTW berekenen draait om één centrale logica: omzetbelasting is altijd een percentage van de prijs exclusief BTW, nooit van de prijs inclusief BTW. De basisformule voor optellen luidt: prijs inclusief BTW = prijs exclusief BTW × (1 + tarief). Bij het 21%-tarief wordt dat dus vermenigvuldigd met 1,21. Wil je terugrekenen — bijvoorbeeld omdat je een kassabon of een factuur inclusief BTW hebt ontvangen — dan deel je het brutobedrag door diezelfde factor: prijs exclusief BTW = prijs inclusief BTW ÷ 1,21. De BTW zelf is vervolgens simpelweg het verschil: BTW-bedrag = inclusief − exclusief. Deze drie formules zijn de basis van álle BTW-berekeningen, ongeacht het tarief.

In de praktijk gebruik je de optelling vooral bij het opstellen van offertes en facturen: jouw klant ziet dan de totaalprijs die hij of zij daadwerkelijk betaalt. De terugrekening gebruik je vaker voor inkopen — je wilt weten hoeveel BTW je kunt terugvorderen als voorbelasting via je BTW-aangifte. Stel dat je een laptop koopt voor 1.452 euro inclusief 21% BTW: 1.452 ÷ 1,21 = 1.200 euro exclusief BTW, en de BTW bedraagt 252 euro. Die 252 euro kan je als BTW-plichtige ondernemer in principe aftrekken. Correct rekenen voorkomt dat je BTW te hoog of te laag opgeeft bij de Belastingdienst.

Wettelijke basis en tarieven 2026

In Nederland is de omzetbelasting geregeld in de Wet op de omzetbelasting 1968. De Belastingdienst hanteert in 2026 drie officiële tarieven. Het algemene tarief bedraagt 21% en is van toepassing op de meeste producten en diensten, van software tot bouwmaterialen en zakelijke adviesdiensten. Het verlaagde tarief van 9% geldt voor een specifieke categorie: onder andere voedingsmiddelen, niet-alcoholische dranken, geneesmiddelen, boeken en e-books, dagbladen en bepaalde arbeidsintensieve diensten zoals kapper- en schoenmakersdiensten. Het nultarief (0%) is geen vrijstelling maar een apart tarief dat met name van toepassing is op intracommunautaire leveringen, export buiten de EU en bepaalde logistieke diensten.

Ten opzichte van 2025 is er in 2026 één relevante wijziging voor veel ondernemers: de eerder aangekondigde afschaffing van het 9%-tarief op bepaalde culturele diensten en sportevenementen is per 1 januari 2026 definitief doorgevoerd. Theatertickets, sportevenementen en musea vallen sindsdien voor het overgrote deel onder het 21%-tarief in plaats van het 9%-tarief. Voor horecaondernemers die maaltijden serveren blijft het 9%-tarief gelden op voedsel, maar de niet-alcoholische dranken bij dat bezoek eveneens. Controleer bij twijfel altijd de actuele lijst van de Belastingdienst, omdat tariefindelingen regelmatig worden herzien bij Prinsjesdag of via separate wetgeving.

Concrete rekenvoorbeelden

Voorbeeld 1 — Factuur opstellen voor een IT-dienstverlener: Je rekent 1.500 euro voor een webontwikkelingsopdracht. Hierop geldt het 21%-tarief. Berekening: 1.500 × 1,21 = 1.815 euro inclusief BTW. Op jouw factuur vermeld je: bedrag exclusief BTW 1.500,00 euro, BTW 21% 315,00 euro, totaal te betalen 1.815,00 euro. Die 315 euro drage je af aan de Belastingdienst via jouw periodieke BTW-aangifte, tenzij je inkomende BTW hebt waarmee je dit verrekent.

Voorbeeld 2 — Supermarktleverancier met gesplitst tarief: Een groothandel levert een order met 800 euro aan voedingsmiddelen (9% BTW) en 200 euro aan schoonmaakmiddelen (21% BTW). Je berekent beide delen apart: 800 × 1,09 = 872 euro en 200 × 1,21 = 242 euro. Het factuurtotaal is 1.114 euro inclusief BTW, waarvan 72 euro BTW à 9% en 42 euro BTW à 21%. Beide BTW-bedragen moeten afzonderlijk worden vermeld op de factuur én apart worden ingevuld in de BTW-aangifte bij de betreffende rubrieken. Samenvoegen is een veelgemaakte fout die bij een controle tot naheffing leidt.

Voorbeeld 3 — Veelgemaakte fout: percentage direct op bruto toepassen: Stel je ontvangt een factuur van 1.210 euro inclusief 21% BTW en je wilt de BTW berekenen. De verkeerde methode: 1.210 × 0,21 = 254,10 euro. Dat klopt niet. De juiste methode: 1.210 ÷ 1,21 = 1.000 euro exclusief BTW, dus BTW = 1.210 − 1.000 = 210 euro. Het verschil van 44,10 euro lijkt klein, maar bij grote transacties loopt dit snel op. Dit is de meest klassieke rekenblunder bij BTW: het tarief toepassen op het brutobedrag in plaats van op het nettobedrag.

Veelgemaakte fouten en valkuilen

De meest voorkomende fout is het verwarren van BTW-inclusief en BTW-exclusief als startpunt. Ondernemers die hun prijzen communiceren inclusief BTW, maar intern rekenen alsof het exclusief-bedragen zijn, factureren structureel te weinig of te veel. Een tweede veelgemaakte vergissing is het toepassen van het verkeerde tarief. Zo vallen bepaalde diensten zoals online-cursussen onder het 21%-tarief, terwijl fysieke boeken op 9% staan. Dat onderscheid lijkt logisch, maar bij e-books of hybride producten ontstaat snel twijfel. Een derde fout is het niet afzonderlijk vermelden van de BTW-bedragen per tarief op een factuur met meerdere tarieven. De Belastingdienst vereist dat elk gehanteerd tarief en het bijbehorende BTW-bedrag apart zichtbaar zijn.

Je voorkomt deze fouten door altijd de volledige factuurstructuur te hanteren: nettobedrag, toegepast tarief, BTW-bedrag en bruto totaal — ook bij kleine facturen. Gebruik bij twijfel over het toepasselijke tarief de online zoektool van de Belastingdienst of raadpleeg een belastingadviseur. Bewaar bovendien alle facturen digitaal en gestructureerd, zodat je bij een BTW-aangifte precies kunt zien welke bedragen in welke rubriek thuishoren. Boekhoudsoftware kan je helpen tarieven automatisch toe te passen, maar de uiteindelijke verantwoordelijkheid voor de juistheid van je aangifte ligt altijd bij jou als ondernemer.

Wat doe je met de uitkomst?

Zodra je de berekening hebt gemaakt, zijn er drie directe vervolgstappen. Ten eerste verwerk je de bedragen op je factuur: het exclusief-bedrag, het BTW-tarief, het BTW-bedrag en het totaalbedrag inclusief BTW zijn wettelijk verplichte vermeldingen op iedere factuur die je uitreikt. Ten tweede registreer je de transactie in je administratie. Noteer het exclusief-bedrag als omzet en het BTW-bedrag als af te dragen belasting. Ontvang je een factuur als inkoop? Dan registreer je de BTW als terugvorderbare voorbelasting. Ten derde verwerk je de gecumuleerde bedragen per kwartaal of maand in je BTW-aangifte via Mijn Belastingdienst Zakelijk. De aangifte bestaat uit rubrieken per tarief; de juiste splitsing die je bij het berekenen al hebt gemaakt, maakt invullen een stuk eenvoudiger en verkleint de kans op een correctie of boete.

Samenvatting

BTW berekenen is een vaardigheid die iedere ondernemer foutloos moet beheersen: gebruik altijd de nettobedragen als basis, pas het juiste tarief toe — 0%, 9% of 21% volgens de 2026-tarieven — en vermeld alle componenten afzonderlijk op jouw factuur. Controleer bij gemengde tarieven elk onderdeel apart, en bewaar de documentatie zodat jouw BTW-aangifte klopt met jouw administratie. Bij structurele twijfel over tariefindeling of bijzondere situaties is een belastingadviseur de meest betrouwbare bron.

Veelgestelde vragen

Hoe bereken ik de BTW als ik een korting geef op mijn factuur?

Bereken de korting altijd vóór je de BTW toepast. Stel je factureert 1.000 euro en geeft 10% korting: het nettobedrag wordt 900 euro. Vervolgens reken je de BTW over dat gecorrigeerde nettobedrag: 900 × 1,21 = 1.089 euro inclusief BTW. Pas je de korting achteraf toe op het brutobedrag, kom je op een verkeerd BTW-bedrag uit. De Belastingdienst vereist dat kortingen worden toegepast vóór de BTW-berekening, niet erna.

Betaal ik BTW over de verzendkosten die ik doorbereken aan mijn klant?

Ja, in de meeste gevallen zijn verzendkosten belast met BTW. Als je een product levert met 21% BTW, geldt datzelfde tarief ook voor de verzendkosten die je in rekening brengt, omdat ze worden gezien als bijkomende kosten bij de hoofdprestatie. Lever je uitsluitend producten met 9% BTW, dan geldt dat tarief ook voor de verzending. Verzendkosten als aparte, zelfstandige dienst kunnen onder het algemene 21%-tarief vallen. Raadpleeg bij twijfel de Belastingdienst.

Wat is het verschil tussen het 0%-tarief en een BTW-vrijstelling?

Dit onderscheid is cruciaal. Bij een 0%-tarief ben je wél BTW-plichtig ondernemer: je mag de BTW op inkoopkosten volledig aftrekken als voorbelasting, maar je brengt je klant nul procent BTW in rekening. Denk aan exportleveringen buiten de EU. Bij een vrijstelling — zoals voor zorg, onderwijs of financiële diensten — ben je geen BTW verschuldigd én mag je de BTW op jouw inkoopkosten níet aftrekken. Een vrijgestelde ondernemer heeft dus feitelijk een nadeel ten opzichte van een ondernemer die het 0%-tarief toepast.

Hoe verwerk ik BTW bij een factuur in een vreemde valuta, bijvoorbeeld dollars?

De BTW-aangifte in Nederland vindt altijd plaats in euro's. Ontvang je een factuur in dollars of een andere valuta, dan reken je het bedrag om naar euro's op de dag van de prestatie of de factuurdatum — de ECB-wisselkoers is de gangbare referentie. Vervolgens pas je het Nederlandse BTW-tarief toe op het omgerekende nettobedrag in euro's. Wisselkoerswinsten of -verliezen hebben geen directe invloed op het BTW-bedrag zelf, maar kunnen wél relevant zijn voor jouw winst- en verliesrekening.

Mag ik BTW berekenen over een aanbetaling of voorschotfactuur?

Ja, en je bent zelfs verplicht BTW in rekening te brengen op het moment dat je de aanbetaling ontvangt, ook al is de prestatie nog niet geleverd. Dit heet het kasstelsel voor BTW bij vooruitbetalingen. Je dient de BTW over het ontvangen voorschot dus op te nemen in de BTW-aangifte van het tijdvak waarin de betaling binnenkomt. Op de eindafrekening verwerk je alleen nog de BTW over het resterende bedrag.

Hoe werkt BTW berekenen bij de kleineondernemersregeling (KOR)?

Als je gebruikmaakt van de KOR en jouw omzet blijft onder 20.000 euro per kalenderjaar, ben je vrijgesteld van BTW. Dat betekent dat je geen BTW in rekening brengt aan klanten en geen BTW-aangifte indient. Je mag dan ook geen voorbelasting aftrekken op jouw inkoopkosten. Bereken je toch een BTW-bedrag op een factuur terwijl je de KOR toepast, dan ben je die BTW alsnog verschuldigd aan de Belastingdienst. Overschrijd je de 20.000 euro-grens, dan vervalt de KOR onmiddellijk voor de rest van dat jaar.